dinsdag 1 december 2009

Gezegend met wierook, rijstkorrels en vermoeide benen

Bali staat bekend als het eiland van de Goden. Hoeveel er precies zijn, is niet duidelijk. De Hindoeïstische Balinezen raken de tel wel eens kwijt. Maar dat de eilandbewoners erg gelovig zijn, maken de vele tempels duidelijk. Al meteen bij aankomst op het eiland begeeft de bezoeker zich in 'Dharmistische sferen', want zelfs de luchthaven lijkt op een decor uit Indiana Jones. Er is één tempel der tempels: de Besakih. Een bezoek staat garant voor een memorabele ervaring. Een verslag.

Door Harry Weerts

De Balinezen hebben hun eigen religieuze kalender, genaamd Wuku. Deze bepaalt dat in april 2009 de bedevaart Karya Agung Panca Bali Krama op de rol staat. Eens per tien jaar stromen de Balinezen uit alle hoeken en gaten van het eiland naar de Besakih-tempel, ook wel de moeder tempel genoemd, om tijdens dit festival offers te brengen aan Shiva, Brahma en Vishnu. Ze gaan er op tal van manieren heen: per fiets, per auto, op de brommer en soms zelfs lopend door de verzengende, tropische hitte. De tempel ligt op ongeveer 1000 meter hoogte, op de helling van de mythische Agung-vulkaan. De pelgrims hebben daardoor de nodige hoogtemeters te overwinnen.

Besakih: wetenswaardigheden

De Besakih-tempel werd vermoedelijk in de 8ste eeuw als plek van meditatie opgericht door de priester Danghyang Markandeya. In de 11e eeuw werd het de belangrijkste hindoetempel van Bali. Lange tijd mocht alleen de plaatselijke adel de tempel bezoeken, maar nu is ook de gewone Balinees uit de lagere kaste welkom. In werkelijkheid is de Besakih een complex van 22 tempels. De belangrijkste is de Pura Penataran Agung, opgedragen aan de oppergod Shiva. Deze is de echte Besakih-tempel of moeder tempel en alleen toegankelijk voor Hindoe's. De rest van het Besakih-complex is wel voor iedereen te bezoeken, mits gekleed in Sarong.

In 1963 barstte de vulkaan Agung verwoestend uit. De Besakih-tempel bleef grotendeels van de ondergang bespaard. Balinezen zien dit als mirakel en als bewijs van de macht der Goden.


Kronkelend omhoog
In een auto met airco is het veel comfortabeler reizen. De weg van Klungkung, aan de voet van de vulkaan, naar de tempel is niet meer dan elf kilometer lang. Maar door de tienduizenden pelgrims op de weg staat het verkeer muurvast. De gids ziet zich genoodzaakt om een alternatieve route te nemen. De weg kronkelt zich door tal van prachtige rijstterrassen omhoog. Na ongeveer twee uur reizen is de bestemming bereikt: de moeder aller Balinese tempels.

Destination Besakih
Een drukte van jewelste is nog een understatement. Het puilt werkelijk uit. Voor veel bezoekers is het tripje naar de Besakih behalve een religieuze plichtpleging ook een sociaal gebeuren. Mensen nemen lunchpakketjes mee, met daarin Nasi Campur. Het vlees daarin heeft een niet te duiden, penetrante stank. Verder is het een populaire plek van handel. Buiten de tempel staan tal van kraampjes opgesteld. Vooral rijke Belanda's zijn gewilde klanten. Ook 'tempelwachters' slaan graag een slaatje, door ten onrechte entreegeld te vragen.


De Besakih-tempel (foto Harry Weerts)

Spiritueel met rijstkorrels
De tempel ligt verspreid over zeven terrassen. Wie van onder naar boven wil, moet ongeveer duizend treden beklimmen. In de hitte en met een alles overwoekerende Sarong om de lenden valt dit nog niet mee. Iedere bezoeker kan zich traditioneel Balinees laten zegenen. In een geknielde houding windt de opperpriester een soort doek om het hoofd van de ignorant westerner. Hibiscusbladeren, heilig water, wierookstokjes en een rijstkorrel op het voorhoofd doen de rest. Dit maakt de innerlijke reiniging compleet.

Het zegenen was de absolute climax van de trip. Maar er is zoveel meer te zien en doen. Een rondwandeling door het complex staat garant voor kleurrijke plaatjes.

Gezegend door Shiva, met verzuurde benen en 50 euro lichter staat de auto weer klaar. Om stapvoets weer de vulkaan af te dalen.

Klik hier voor een fotoverslag.

Geen opmerkingen: